Doe deze woorden niet vergeefs ontwaken, zij kunnen zich hun naaktheid niet vergeven; en laat uw blik hun innigste niet raken tenzij gij door de liefde zijt gedreven.
Lees dit dan als een langverwachte brief, en wees gerust, en vrees niet de gedachte dat u door deze woorden werd gekust: ik heb je zo lief.
Bron: Voor wie dit leest, Leo Vroman.
La liseuse (Nederlands: Lezend meisje) is een schilderij van de Franse kunstschilder Jean-Honoré Fragonard, geschilderd tussen 1770 en 1773. Hij portretteert, en profil, een gefantaseerde (?) jongedame met een leesboek.
La liseuse is geschilderd in een voor die tijd opvallende lichtheid, bijna alsof het een schets betreft, losjes uitgewerkt, ogenschijnlijk in een grote snelheid. Fragonard kiest zijn kleuren met grote gevoeligheid en laat safraangeel, lila en magenta vanuit het midden stralen vanaf het doek. Met zijn vluchtige penseelstreek creëert hij een gebogen compositielijn, die het doet voorkomen alsof de jurk en het kussen de kleine gestalte van het meisje als het ware omringen. Klaarblijkelijk zit ze voor een raam, gezien het van links invallende licht en een kleine schaduwwerking achter haar rug.
Aandachtig, bevangen door de inhoud van haar lectuur.
Het modieus geklede meisje, ongetwijfeld uit hogere kringen, oogt ontspannen. Ze houdt haar boek vast zoals ze dat geleerd heeft met een theekopje: met vier vingers en de pink lichtjes zijwaarts gestrekt. Lezen is hier een lichte, bijna zwevende bezigheid. De schilder slaagt erin om in het leesmoment twee blikken te vangen: de ene aandachtig gericht op de regels in het boek, de andere dromerig, bijna zwevend, bevangen door de inhoud van haar lectuur.
Verstilling. Wat een pracht van een woord. Wie het uitspreekt, last als vanzelf een pauze in, niet omdat het als begrip een soort versterking zou nodig hebben, maar gewoon door de lieve, toch dwingende kracht ervan. Wie het hoort of leest, moet haast wel even stilstaan bij de merkwaardige soort van plechtigheid ervan: niet pompeus, niet oubollig of over-dressed, maar spontaan verwijzend naar een stuk of wat momenten waarop je even geen woorden nodig had of wilde. Of waarop een desnoods louter inwendige drukte even tot bedaren moest worden gebracht. Verstilling voelt aan zoals wellicht onthaasting deed voor het, modewoord geworden, zijn betekenis verloor. Misschien is het wel de mate waarin verstilling niet gewoon stilte is, die het ‘m doet. Misschien is het het proces, de figuurlijke activiteit die erachter schuilgaat, de heimelijke dynamiek ervan. Niet zomaar een plots opgekomen toestand van verstilling, niet iets dat je overkomt of dat louter ‘gebeurt’, maar een toestand van stille ontvankelijkheid die je zopas, in een soort van moeilijke moeiteloosheid, hebt verworven. Met dat laatste komen we als vanzelf bij de muziek- maar ook bij stiltemeditatie en stiltegebed terecht. Deze hebben namelijk alles met die moeilijke moeiteloosheid en dat verwerven te maken.’ BRON: (MUZIEK) EN VERSTILLING, RUDY TAMBUYSER, bewerkt door Martien
De meditatiegroep die de Protestantse Gemeente Waddinxveen al sinds 2020 faciliteert is zo’n plek waar o.a. verstilling geoefend en beoefend wordt. De meditatiegroep is bovenal een praktijkleerschool – vanaf 28 september weer een tweewekelijkse oefenplek. Je zou zo maar eens – desnoods een aantal maal – kunnen deelnemen om te ontdekken dat stilte niet saai is – eerder helend en verhelderend.
Dat ik – in essentie – geworteld ben in de stilte, schijnt wel de meest onbegrijpelijke waarheid van mijn leven te zijn.
We hebben de stilte verloren; de mens van onze eeuw is de stilte kwijtgeraakt. Van de vroege ochtend, als de wekker afloopt, tot de late avond leven we in lawaai. Lawaai is de vijand van stilte. Denken we maar aan het lawaai door het verkeer: auto’s, motoren, vrachtwagens, vliegtuigen en zo meer; het oorverdovende geratel van machines in fabrieken; boxen alom waaruit muziek klinkt; daardoor lopen we gevaar te vergeten wat de grote betekenis is van rust en stilte. Het kwijtraken van de stilte heeft de mens uit zijn evenwicht gebracht.
Voor veel mensen is ook hun kerkervaring vooral lawaai. Misschien een prachtig lawaai, misschien mooie woorden, misschien mooie muziek, maar het is NON-STOP. Vanaf het moment dat de dienst begint tot het einde is het vooral lawaai en programmatisch gevuld. Voor mensen die dringend op zoek zijn naar een diepere contemplatieve ervaring, lijkt de kerk in deze tijd weinig te bieden te hebben. Onze eredienst kan mooi en betekenisvol zijn, maar ze is niet contemplatief in een betekenisvolle zin.
We moeten daarom weer leren wat het wil zeggen: in stilte te vertoeven bij het mysterie van de werkelijkheid, bij de zin van ons bestaan – in christelijke termen: bij God. Stilte is nodig om onze gedachten te (laten) zuiveren en ons te leren diepgang te geven in de vaak oppervlakkige bedrijvigheid van het leven van iedere dag.
De mens in wiens hart het stil en rustig is, kan luisteren en zich openstellen voor zijn schepper. Stilte is noodzakelijk om de diepte van ons bestaan te raken.
Verstillen is echter geen sinecure, geen abc-tje – wél eenvoudig, maar niet gemakkelijk. Het vraagt geen beschouwing, maar wél en vooral (be)oefening.
De meditatiegroep die de Protestantse Gemeente Waddinxveen al sinds 2020 faciliteert is zo’n plek waar o.a. verstilling geoefend en beoefend wordt. De meditatiegroep is bovenal een praktijkleerschool – vanaf 28 september weer een tweewekelijkse oefenplek. Je zou zo maar eens – desnoods een aantal maal – kunnen deelnemen om te ontdekken dat stilte niet saai is – eerder helend en verhelderend.
Als je wilt verstillen, is het van belang om op een goede manier te zitten, te zitten met een goede lichaams-houding. De grondregel van de lichaamshouding is dat je je ruggegraat recht houdt en dat je roerloos blijft zitten. In het verstillen is dus de lichamelijke onbeweeglijkheid een van de eerste dingen die je doet; je zit stil, niet om je van het lichaam af te maken, maar je lichaam en geest in harmonie te brengen, tot eenheid gebracht.
Naar muziek luisteren is een beproefde manier om te verstillen. Je luistert naar de klanken, geeft deze al je aandacht, je vraagt je niet af of je ze mooi of lelijk zijn: je luistert. Via deze link kom je bij een dertiental ‘Verstillingsoefeningen-met-muziek’.
De meditatiegroep die de Protestantse Gemeente Waddinxveen al sinds 2020 faciliteert, is een plek waar o.a. verstilling geoefend en beoefend wordt. De meditatiegroep is bovenal een praktijkleerschool – vanaf 28 september weer een tweewekelijkse oefenplek. Je zou zo maar eens – desnoods een aantal maal – kunnen deelnemen om te ontdekken dat verstillen niet saai is – eerder helend en verhelderend.
Dat ik – in essentie – geworteld ben in de stilte, schijnt wel de meest onbegrijpelijke waarheid van mijn leven te zijn.
We hebben de stilte verloren; de mens van onze eeuw is de stilte kwijtgeraakt. Van de vroege ochtend, als de wekker afloopt, tot de late avond leven we in lawaai. Lawaai is de vijand van stilte. Denken we maar aan het lawaai door het verkeer: auto’s, motoren, vrachtwagens, vliegtuigen en zo meer; het oorverdovende geratel van machines in fabrieken; boxen alom waaruit muziek klinkt; daardoor lopen we gevaar te vergeten wat de grote betekenis is van rust en stilte. Het kwijtraken van de stilte heeft de mens uit zijn evenwicht gebracht.
Voor veel mensen is ook hun kerkervaring vooral lawaai. Misschien een prachtig lawaai, misschien mooie woorden, misschien mooie muziek, maar het is NON-STOP. Vanaf het moment dat de dienst begint tot het einde is het vooral lawaai en programmatisch gevuld. Voor mensen die dringend op zoek zijn naar een diepere contemplatieve ervaring, lijkt de kerk in deze tijd weinig te bieden te hebben. Onze eredienst kan mooi en betekenisvol zijn, maar ze is niet contemplatief in een betekenisvolle zin.
We moeten daarom weer leren wat het wil zeggen: in stilte te vertoeven bij het mysterie van de werkelijkheid, bij de zin van ons bestaan – in christelijke termen: bij God. Stilte is nodig om onze gedachten te (laten) zuiveren en ons te leren diepgang te geven in de vaak oppervlakkige bedrijvigheid van het leven van iedere dag.
De mens in wiens hart het stil en rustig is, kan luisteren en zich openstellen voor zijn schepper. Stilte is noodzakelijk om de diepte van ons bestaan te raken.
Verstillen is echter geen sinecure, geen abc-tje – wél eenvoudig, maar niet gemakkelijk. Het vraagt geen beschouwing, maar wél en vooral (be)oefening.
De meditatiegroep die de Protestantse Gemeente Waddinxveen al sinds 2020 faciliteert is zo’n plek waar o.a. verstilling geoefend en beoefend wordt. De meditatiegroep is bovenal een praktijkleerschool – vanaf 28 september weer een tweewekelijkse oefenplek. Je zou zo maar eens – desnoods een aantal maal – kunnen deelnemen om te ontdekken dat stilte niet saai is – eerder helend en verhelderend.
Wandelen in de natuur lijkt op een wandelen in zichzelf. Paden vormen zich door geregeld ergens langs te komen. Op dezelfde wijze ontstaat de weg naar ons hart door het telkens weer op te zoeken. Trouw is een basisvoorwaarde hier. Immers: de grond in de buurt van het hart is zó vruchtbaar dat wegen eromheen de neiging hebben snel dicht te groeien.
Wie niet trouw de weg naar het hart bewandelt, geraakt na een tijd de weg kwijt.
Bron: Erik Galle, In de leer bij de monnik. Monastieke accenten in het dagelijks leven.
Pasen 2025. We wensen elkaar ‘goedemorgen’ met de toevoeging: ‘De Heer is waarlijk opgestaan’. Mooi gezegd, heel erg waar, maar ook werkelijk? Dit verschil tussen ‘waar’ en ‘werkelijk’ is een kwestie van perspectief. Het één is niet beter geformuleerd dan het ander, maar het legt wél een ander accent. ‘Waarlijk opgestaan’ is wat meer ontologisch (sorry voor deze term: het beschrijft wat ‘is’ en wat men kan definiëren als ‘zijn’. Ontologische theorieën bestaan uit concepten en categorieën die de eigenschappen van ‘de dingen die bestaan’ definiëren en de relaties ertussen omschrijven). ‘Werkelijk opgestaan’ formuleert meer de werkzaamheid van de opstanding, ofwel hoe deze zich manifesteert (uitwerkt) in je gewone dagelijkse leven.
Goede paasdagen gewenst: de Heer is werkelijk opgestaan.
Want als Hij is opgestaan vannacht dan ook onze moed om te doen als Hij
Want als Hij is opgestaan in deze vroege ochtend dan ook onze wil om Hem te volgen
Want als Hij is opgestaan dan ook ons geloof dat het donker niet het laatste woord spreekt
Als er iets nieuw is deze dag is het onze liefde geboren uit Hem en bestemd voor de wereld
Want als er iets is opgestaan is het ons antwoord op: ‘Heb je Me lief?’
Bron: Intercity Bestemming Pasen, Dio van Maaren en Aage Kramer – 2008