Epifanie – niet alleen op 6 januari.

Op Wikipedia tref ik een (literaire) omschrijving van ‘Epifanie’ aan. Het is een omschrijving om op te kauwen:

‘Een zich aan de ratio onttrekkende, plotselinge, kortdurende, diep inwerkende ervaring waarin een zintuiglijk waarneembaar element in de gewone, alledaagse werkelijkheid een niet binnen een gangbaar kader te plaatsen reactie oproept bij wie het ondergaat.’

https://nl.wikipedia.org/wiki/Epifanie_(literatuur)

Kortom: het gaat om een ‘plotselinge, verwarrende openbaring’. Ondanks het gegeven dat deze term nog altijd een religieuze lading heeft, is deze seculiere betekenis inmiddels dominant geworden – aldus Wikipedia…..

Een kip-en-ei discussie over de oorsprong en reikwijdte van de term ‘Epifanie’ lijkt me niet zo zinvol. Zinvoller lijkt me de suggestie dat ‘Epifanie’ zich niet zou beperken tot ‘Driekoningen’: de christelijke feestdag die elk jaar op 6 januari (of op de eerste zondag na 1 januari)) wordt gevierd en waarop men de Bijbelse gebeurtenis (Matt. 2:1-18) herdenkt van de wijzen uit het oosten die een opgaande ster zagen en daarop de koning der Joden gingen zoeken.

Plotselinge, verwarrende openbaringen – misschien kun je beter spreken van plotselinge, verwarrende gewaarwordingen – kunnen elk mens zomaar overkomen; ze lijken een kenmerk van leven te zijn. Daarom: wat mij betreft kan het élke dag zomaar ‘Epifanie’ zijn – ik wil er ontvankelijk voor zijn.

Gij zult kracht ontvangen

Bron: Commons.wikipedia

‘Jarenlang heb ik het in het verhaal van Zacharias iets over het hoofd gezien. Ik had ook veel liever het verhaal van Maria, wiens fiat aan de engel Gabriël in contrast stond met de twijfel van Zacharias. Maria had passie en geloof, terwijl Zacharias onzeker leek. Maria als aantrekkelijk jong meisje met nog een heel leven voor zich, Zacharias als een oude impotente (?) man voor wie het leven eigenlijk al voorbij lijkt. Maar in de loop van de tijd heb ik meer waardering voor hem ontwikkeld.

Vaak wordt Zacharias gepresenteerd als een tegenvoorbeeld van Maria’s geloof. We zouden zijn ongeloof kunnen contrasteren wanneer hij de engel hem hoort vertellen dat zijn vrouw Elizabeth een zoon zal baren met Maria’s geloof in wat Gabriël haar vertelt. Per slot van rekening zegt Gabriël tegen Zacharias: ‘En nu zult u zwijgen en niet kunnen spreken tot de dag dat dit gebeurt, omdat u mijn woorden niet hebt geloofd, die op het juiste moment zullen uitkomen. (Lucas 1:20).

Hoewel Gabriëls woorden op het eerste gezicht een straf kunnen lijken, kun je ze ook als een uitnodiging lezen. De inhoud van de engelenboodschap gaat over de vervulling van Gods woord. Gods geloof in Zacharias is genoeg, zelfs als het geloof van Zacharias hapert. 

In de tijd van stilte waarin Zacharias niet kon spreken, verandert er iets in hem. 

Hoewel Lucas niet over die tijd spreekt, worden we toch uitgenodigd om ons af te vragen:

wat gebeurde er toen tussen Zacharias en God? Wat veranderde Zacharias van iemand die met de engel argumenteerde dat hij gewoon een oude man met een oude vrouw was, tot iemand die een lofzang uitsprak waarin hij lof, redding en vrijheid verkondigde (Lukas 1:68-79)?

Ook in je (gebeds-)leven spreekt God vaak het duidelijkst tot je op momenten dat je je eigen geest en stem tot rust brengt. Woorden kunnen soms meer een weerspiegeling zijn van eigen angsten en zorgen dan van Gods handelen. Hoewel gebedswoorden een mooie manier van communiceren kunnen zijn, kunnen ze ook afleiding zijn om jezelf volledig in Gods handen te leggen.

Soms laten onze woorden, zoals die van Zacharias, onze eigen grenzen zien.

Stilte maakt plaats voor de volheid van Gods dynamische en genezende kracht.

Deze advent uitnodigt God mij uit om dieper in tijden van stilte binnen te gaan. In de stilte is God nog steeds aan het werk. Gods kracht overtreft mijn eigen (on)vermogen om de gebeurtenissen in mijn leven te benoemen, vast te leggen of te beheersen. Door de stilte binnen te gaan, ga ik dieper in op Gods mysterie. Net als Zacharias leer ik te vertrouwen op Gods transformerende kracht die plaatsvindt in het nog onbekende.’

Bron: Zechariah and Holy Silence, Marina Berzins McCoy, bewerkt en aangescherpt door Martien

Meditatie: een werk van onbaatzuchtige aandacht.

Tijdens meditatie zijn er momenten dat ik mijn gedachten, mijn plannen, mijn analyse, mijn angsten, mijn fantasieën niet consumeer. Er zijn momenten dat ik hier afstand van doe op dezelfde manier als mijn lichaam tegen me zegt: ‘Het maakt niet uit hoeveel dingen je moet doen, je moet nog steeds slapen. Dus ga slapen.’ 

Meditatie is tijd geven aan dit essentiële werk van mens-zijn, dat simpelweg ‘zijn’ is – in christelijke termen: aanwezig zijn bij de Aanwezige.

Meditatie gaat niet over denken en doen, het gaat over ‘zijn’ – ‘kom en ga met Mij alleen naar een eenzame plaats en rust een weinig’. (Marcus 6:31) 

Bron (vrije bewerking door Martien): Laurence Freeman
https://us4.campaign-archive.com/?u=c3f683a744ee71a2a6032f4bc&id=a11afc8907
Foto door Barbara Olsen via Pexels

Loskomen van het dagelijkse ‘gedoe’ gaat niet vanzelf. Ik heb er de stilte voor nodig – het gaan naar een eenzame plaats en daar te rusten. Die eenzame plaats vind ik eenvoudig ’s morgens op mijn meditatiekrukje in mijn studeerkamer – ik hoef er fysiek niet ver voor te reizen – mentaal wél.

‘Stilte’ blijkt geen plek-van-bestemming te zijn, maar een weg die ik ga. ‘Verstillen’ is het wérk dat daarbij past.

Volg hier een verstillende oefening met muziek.

Mediteren kun je leren – vanaf 4 oktober a.s.

De werkgroep Verdieping van de wijkgemeente ‘t Spectrum te Waddinxveen biedt vanaf oktober 2021 weer Meditatiebijeenkomsten & ‘Meditatieproeverij’ aan met als thema: 

‘Verstilling zoeken    –    ont(-)moeting vinden’

Voor meer info: martienonline.org

‘Verstillen & Ont(-)moeten’ is nog nooit zo lastig geweest, lijkt het wel…. Immers: de ‘coronatijd’ confronteert met wat wel genoemd wordt een ‘spiritueel tekort‘[1], een ‘spirituele schraalheid‘[2] of een ‘zielsarmoede‘[3]. Ze wordt breed geconstateerd in kerken, onder christenen, maar ook daarbuiten. Het lijkt wel of ‘corona’ ons bestaan ontwortelt en het valt ons moeilijk te her-wortelen.

Photo by Evergreens and Dandelions on Unsplash

De vraag ‘Her-wortelen? Ja! Maar-hoe?’ domineert aan talkshow-tafels, maar ook kerken en individuele gelovigen vragen zich af hoe en waar water te vinden dat dorst lest. Het lijkt wel dat hierbij vooral veel verwacht wordt van rationalistische of activistische uitdrukkingsvormen van het christelijk geloof. Maar, om met Tomáš Halík te spreken: ‘Gods bedoeling is niet onze dorst naar zekerheid en veiligheid te lessen, maar ons te leren leven met het mysterie’[4].

Ik heb voor mezelf hierin een begaanbaar pad gevonden in de contemplatieve traditie – wat betekent dat ik vooral veel aandacht besteed aan stilte, gebed & contemplatie en Lectio Divina: eeuwenoude contemplatieve (bijbel)leespraktijk. Vormen van christelijke meditatie zijn daarbij een hulmiddel en ik heb gemerkt: 

mediteren kun je leren.

Lees hier verder.
Of:
Meld je hier aan.

Honderd bloemen

Deze afbeelding heeft een leeg alt-atribuut; de bestandsnaam is flowers-colorful-plants-bloom-68507-1024x768.jpg
Foto via Pexels

Audio-opname ‘Honderd bloemen’, Huub Oosterhuis – Gelezen door Martien

‘Honderd bloemen mogen bloeien……
…..maar in een woud van droomgewassen,
stenen wortels, stalen webben,
tochtig labyrint van woorden,
woont een mens, 
op brekebenen,
lelie van het veld, 
met ogen tranend bijna blind van zoeken
naar een plek die water geeft’

(Klik op de afbeelding om het gedicht te lezen)

Het gedicht ‘Honderd bloemen’ van Huub Oosterhuis trof mij in deze Corona-tijd. De natuur barstte open in de lente, de bloemen op de velden (mij troffen vooral de velden en bermen met koolzaad en fluitenkruid) staan er ‘flemend om gezien te worden’ en de mens…….zat in quarantaine thuis, lag aan de beademing in het ziekenhuis of is stervenshard aan het werk om het hoofd boven water te houden….
Ja, ik ben een mens-op-brekebenen, met ogen vol tranen zoekend naar een plek die water geeft.

Maar er treft mij nóg iets: het gesprek van Jezus met de Samaritaanse vrouw. Je kunt het hier in zijn geheel lezen. Vers 14 geeft me te denken…..

‘maar wie zal drinken van het water 
dat ik hem zal geven 
krijgt geen dorst meer tot in der eeuwigheid,- 
nee, het water dat ik hem zal geven 
zal in hem worden 
een bron van water dat opwelt 
tot eeuwig leven!’


Johannes 4: 14, Naardense Bijbel

…..en link ik aan de laatste strofe uit Honderd bloemen. Nee, geen panacee geen denkbeeldig geneesmiddel dat overal voor zou helpen, wel een richtingwijzer……. ‘naar de plek die water geeft’ …..voor de Samaritaanse vrouw en voor mij.

‘God wordt er wel steeds beter in, hè?’

Photo by Ben White on Unsplash

Een klein meisje zat op de knie van haar grootvader terwijl hij haar een verhaaltje voorlas. Af en toe keek ze op van het boek en aaide over opa’s wang. En dan aaide ze over die van haarzelf.
Ineens zei ze: ‘opa, heeft God jou gemaakt?’ ‘Ja, schatje, God heeft mij lang geleden gemaakt.’ ‘O’, zei ze, ‘opa, heeft God mij ook gemaakt?’ ‘Jazeker, kindje, God heeft jou nog niet zo lang geleden gemaakt.’ Het meisje aaide weer over hun wangen en zei toen: ‘God wordt er wel steeds beter in, hè?’

Bron: https://www.sporenvangod.nl/kerkmoppen1.html

Bovenstaande foto en bovenstaande anekdote brengen een big-smile op mijn gezicht. Het is een luchtige manier om om te gaan met ‘serieuze zaken’. Maar als ik nog eens goed naar de foto kijk – misschien eens wat langer – word ik me eens bewust van de snaar die in mijn ziel geraakt wordt: blijdschap…… irritatie….. jaloezie….. luchtigheid….. naïviteit….. vrijheid….. spot….. Ik sta daar gewoon maar eens een paar minuten bij stil……meer is niet nodig.

Ik sta daar gewoon maar eens een paar minuten bij stil……meer is niet nodig.

Hieronder nog zo’n tekst die in eerste instantie bij mij een big-smile oproept. Maar: als ik de tekst lees en herlees – rustig en geconcentreerd -: hoe ga ik eigenlijk om met mijn verlangen? Ook met zoveel respect dat ik God vraag om iedere speen, iedere vinger, iedere druppel die in mijn schaal valt te zegenen?

Zegen, God, mijn kleine koe,
zegen, God, mijn verlangen,
zegen ons samenleven, mijn koe en ik,
en de manier waarop ik haar melk.

Zegen, God, elke speen,
zegen iedere vinger,
iedere druppel die in mijn schaal valt.
Zegen, God, mijn kleine koe.

uit: ‘The Carmina Gadelica’; Liedboek 2013. p.1525

De mayonaisepot en het bier

Wanneer dingen in je leven haast te veel voor je worden, (en dat kan zomaar gebeuren in deze rare tijd-met-Coronavirus), wanneer 24 uur in een dag voor jou niet genoeg zijn ….. wanneer de samenleving steeds meer ‘open’ gaat en je een gevoel hebt dat je een inhaalslag moet maken…..denk dan aan de mayonaisepot en het bier.

Victor van Heusden, stichter van Retraitecentrum De Spil in Maarssen kon de zware dingen van het leven met een grap en een grol lichtvoetig maken. Zijn (geleende) verhaal over ‘De Mayonaisepot en het bier’ is daar een voorbeeld van. Je kunt het hier of in de DOWNLOAD lezen.

Het verhaal nodigt uit om in deze ‘corona-tijd’ die voor velen van ons zeer ingrijpend is ons te bezinnen op ‘de eerste dingen’. Lichtvoetig….….

Verstillen met Muziek-10

Foto door Magda Ehlers via Pexels

‘Het tegenovergestelde van praten is niet zwijgen maar luisteren.’

Woestijnvader Nisteros de Grote (402-480 n.Chr).

Vaak vragen mensen: ‘Ik lijk geen vooruitgang te maken in het verstillen. Wat moet ik daaraan doen?’

Misschien is de grootste vooruitgang die we kunnen maken in het verstillen wel dat we het idee van vooruitgang opgeven. We moeten inzien dat we altijd aan het begin staan. Telkens wanneer we gaan zitten om te verstillen, beginnen we opnieuw. Elke verstilling is een vertrekken, een opnieuw vertrekken, en daarom blijft het altijd nieuw en blijft het altijd een dieper doordringen in het mysterie.

John Main – Being On The Way

Naar muziek luisteren is een beproefde manier om te verstillen, te ontvangen. Je luistert naar de klanken, geeft deze al je aandacht, je vraagt je niet af of je ze mooi of lelijk zijn: je luistert.

Aan deze site is een menu-item toegevoegd:

Verstillen met Muziek-10; klik hier.

Je kunt daarover hier lezen. Het ‘Ten Geleide’ bevat wat meer informatie en een eenvoudige handleiding.